"PUUR" is de naam die het concertprogramma kreeg, waarmee het Gelders Fanfare Orkest meedeed aan het Wereld Muziek Concours Kerkrade 2013. Puur, omdat alle composities origineel voor fanfareorkest geschreven zijn en door Nederlandse componisten.

Het programma van het GFO bestond uit: Giocoso, deel 3 uit Images, van Henk Badings, het verplichte werk In Memoriam Piebe Bakker, van Rob Goorhuis en als klapstuk de compositie van Harrie Janssen, die hij speciaal voor het GFO componeerde: De Verschrikkingen van het IJs en de Duisternis. Een werk voor orkest en verteller en ze hadden mij gevraagd in de rol van verteller. Dus jouw uitvoering van die nieuwe compositie, samen het orkest, zal de blauwdruk worden; de standaarduitvoering. Dan wil je de ultieme uitvoering neerzetten.

Op 9 maart speelde het Gelders Fanfare Orkest het nieuwe werk van Harrie Janssen voor het eerst in z'n geheel door. In de periode daarvoor had het orkest telkens 'vers van de pers' fragmenten gekregen om uit te proberen en aan te wennen en nu was de compositie voor fanfare en verteller af. Per post had ik een directiepartituur ontvangen, met tekst en al, om mee te kunnen werken tijdens repetities. Harrie was die dag ook aanwezig, zoals hij bij vele repetities zijn belangstelling zou tonen. De kennismaking met het stuk en mijn eerste poging om op het juiste moment de teksten in te zetten, had direct de gewenste impact. Iedereen voelde dat we iets moois in handen hadden.

Na die eerste gezamenlijke repetitie gingen het GFO en ik ieder voor zich aan de slag. Ik had een opname gemaakt om thuis terug te luisteren en te kunnen werken aan mijn timing en voordracht. Daar kan ik geen orkest bij gebruiken, want ik herhaal vaak hele korte fragmenten. Daar zouden de muzikanten dol van worden. Andersom werkt het net zo. Als dirigent werk je aan fragmenten met het hele orkest, of met een instrumentgroep, waardoor ik juist heel veel zit te wachten en dol word. Natuurlijk heb je gezamenlijke repetities. Die zijn zeker nodig, maar je plant ze spaarzaam. Het moet los van elkaar rijpen, zodat de synergie optimaal werkt als je samenkomt.

Het GFO wilde niet enkel repeteren en dan vlammen op het WMC, het wilde een try-out periode om te zien hoe die nieuwe compositie zou overkomen op het publiek bij een concert. Hoe klinkt de uitvoering qua balans, hoe ziet 'het plaatje' er uit? Dat is belangrijke informatie om toe te kunnen werken naar de ultieme uitvoering. Op 20 april was de eerste uitvoering in theater Veluvine, in Nunspeet. Ons gevoel dat we iets moois in handen hadden, kregen we in de reacties van het publiek terug. De mensen voelden zich geraakt door De Verschrikkingen van het IJs en de Duisternis. Na die eerste try-out, volgden er nog concerten in Ulft, Bathmen en Oldebroek. Telkens konden we weer een stapje vooruit zetten, werd het weer iets beter. De reacties van het publiek bleven onveranderd positief.

Harrie heeft in die periode nog geschaafd aan de noten en de tekst. Details in instrumentatie, of fraseringen die misschien niet opvallen als je de eerste repetitie luistert naast de uitvoering in Kerkrade, maar wat toch net het verschil maakt, die verfijning brengt die je als ambachtsman trots doet zijn op het eindresultaat. Omdat ik in De Verschrikkingen van het IJs en de Duisternis verteller ben en geen rol neerzet zoals in Ahab! van Steve Melillo, besloot ik in overleg met Harrie en Erik van de Kolk, de dirigent van het GFO, tijdens de uitvoering de directiepartij op een standaard voor me neer te zetten en mee te lezen. Het maakt me meer deel van het orkest en geeft me iets functioneels te doen tijdens de lange passages zonder tekst. Qua beeld is het voor het publiek ook een heel andere aanblik dan wanneer ik staand, of zittend, wacht op mijn volgende inzet. In Nunspeet was ik nog gaan zitten op een barkruk, wat niet verkeerd werkte, maar staand voelde toch beter. Het gaf me meer expressieruimte.

In de week voor de uitvoering op 27 juli, repeteerde het GFO in Heerlen, op korte afstand van Kerkrade en de Rodahal. Ook daar werd toch nog weer een stapje gezet in het polijsten en verfijnen van de uitvoering. Toen ik me vrijdagavond bij hen voegde merkte ik de positieve werking ervan op mijn timing en voordracht. Het schakelen wat ik in de tekst kan tussen vertellen en in de huid kruipen van een van de expeditieleden, werkte en voelde goed. De timing met het orkest en het elkaar aanvoelen en op elkaar inspelen van Erik en mij, wat Harrie's bedoeling ook is met het stuk, was optimaal. Vanaf 9 maart was er toegewerkt naar een climax en daar werden we voor beloond. Iedereen voelde zich goed en gefocust en het orkest klonk solide meteen vanaf het eerste stuk Giocoso. De waardering van het publiek was duidelijk te horen in het applaus. De Verschrikkingen van het IJs en de Duisternis was voor ons de ontlading, het klapstuk. De passie en de energie was er. We speelden op het scherpst van de snede. Toen Erik het laatste akkoord, de laatste noot aangaf, kwam het applaus van het publiek al los. Nog voordat hij had afgeslagen, stond de bijna uitverkochte Rodahal massaal op. Het was indrukwekkend, overweldigend. In reacties na afloop hoorden we dat mensen tot tranen geroerd waren geweest. Kennissen die live naar L1 Radio hadden geluisterd, hadden kippenvel, hoorden we via sms, twitter, e.d. ... Wauw.

Het Gelders Fanfare Orkest o.l.v. Erik van de Kolk won niet de hoofdprijs in de concertafdeling van het WMC 2013. We werden derde met 93.08 punten. Jammer? Op zich wel. Maar net als de vorige editie is het GFO weer in de top drie van het WMC geëindigd en het eindapplaus van het publiek was zo fantastisch, dat is voor ons de hoofdprijs. De beloning voor de missie om een ultieme uitvoering neer te zetten van een originele fanfarecompositie.

Blog